Migrantenouderen in beeld

Linda Voortman met de publicatie en een aantal van de geïnterviewde ouderen

Voor en met Saluti – het onafhankelijke adviesorgaan voor culturele diversiteit en inclusie – maakte ik het boekje Migrantenouderen in beeld. Samen oud in een diverse stad. Twaalf portretten van Utrechtse ouderen met een migratieachtergrond, verspreid over de stad; interviews aan de keukentafel, in buurthuizen en in woongroepen. Ik had het voorrecht in gesprek te mogen gaan met ontzettend dappere, lieve mannen en vrouwen die de tijd namen om te vertellen over hun pijn, angst, verdriet, maar ook over hun hoop, trots en de manieren waarop zij ondanks alles hun leven en hun relaties blijven vormgeven.. Drie portretten werden gemaakt door Gabriela Wind en Hanneke Haaksma van Saluti. Op 16 april werd de bundel door Saluti aangeboden aan de Utrechtse wethouder Linda Voortman.

Utrecht vergrijst, en tegelijk verandert de stad snel van samenstelling. In 2024 had al een kwart van de 65‑plussers een migratieachtergrond; bij de toekomstige ouderen (nu 50–65 jaar) is dat al ruim een derde. Toch komen deze Utrechters nog onvoldoende in beeld bij de vormgeving van toekomstig beleid. Ze krijgen labels als “kwetsbare ouderen”, “risicogroep” en zijn “moeilijk bereikbaar”.

Van pioniers naar kwetsbare ouderen

De portretten gaan over mensen die in de jaren zestig, zeventig en tachtig als arbeidsmigrant, huwelijksmigrant, gezinsmigrant of vluchteling naar Nederland kwamen. Ze werkten in fabrieken, de horeca, de zorg, schoonmaak of als kleine zelfstandige. Ze bouwden hun gezinnen op in wijken als Overvecht, Kanaleneiland, Lombok, Zuilen en Utrecht-West.

Nu zien ze zichzelf in nota’s vooral terug als ‘kwetsbare ouderen’ met een lage sociaaleconomische positie, beperkte digitale vaardigheden en een verhoogde kans op eenzaamheid en gezondheidsproblemen. En dat is een beschrijving die voor een deel van hen ook klopt, maar het is niet het volledige verhaal.

Armoede krijgt een gezicht

Veel portretten laten zien hoe structurele financiële krapte het dagelijks leven van deze ouderen bepaalt en beperkt. De meeste ouderen hebben een onvolledige AOW en geen of amper pensioen. De ouderen die afhankelijk zijn van kinderen of de voedselbank zijn eerder regel dan uitzondering.

Financiële stress is voor hen meer dan een lege portemonnee. Het betekent afzien van het verwarmen van het huis, sociale activiteiten beperken, tandartskosten of noodzakelijke zorg uitstellen en voortdurend een gevoel hebben van schaamte en tekortschieten. Ouderen vertellen dat ze liever geen hulp vragen aan hun kinderen, omdat ze de kinderen niet willen belasten..

Wonen in woningen die niet meer geschikt zijn

Vrijwel alle geïnterviewden willen het liefst in hun eigen wijk blijven wonen, dichtbij hun kinderen, moskee of kerk, vertrouwde winkels en buurtcentra. Tegelijkertijd wonen velen in woningen die niet meer passen bij hun leeftijd: trappen, geen lift, slechte isolatie, onpraktische badkamers. De wachttijd voor een andere woning is lang, urgentieregelingen zijn ingewikkeld en slecht bekend. Sommigen hebben interesse in een woongroep met ouderen met een vergelijkbare achtergrond, maar anderen willen dat juist niet.

Zorg, taal en digitalisering: een jungle

In de gesprekken komt keer op keer naar voren dat het zorg- en ondersteuningslandschap voor veel ouderen voelt als een jungle. Formulieren, folders, loketten, websites, apps, inlogcodes – het is een jungle. De meeste ouderen hebben een smartphone, maar veel van de informatie is voor hen vaak te ingewikkeld en hun digitale vaardigheid schiet vaak te kort.

Ouderen worstelen om hulp te vragen als ze brieven niet begrijpen. Hun schulden lopen daardoor op en gezondheidsklachten worden niet behandeld.
Initiatieven als NISBO, Asha, Ladyfit, de Gouden Mannen, vrouwengroepen in buurthuizen en organisaties als Welkom in Utrecht functioneren in de praktijk als laagdrempelige “offline loketten”. Mensen kunnen er vaak in hun eigen taal terecht voor hulp bij brieven, formulieren, telefonische afspraken en het vertalen van zorginformatie. Deze infrastructuur is een noodzakelijke schakel tussen beleid en leefwereld.

Eenzaamheid is meer dan alleen zijn

Met weinig geld, een slechte gezondheid, ligt eenzaamheid al snel op de loer. Zeker wanneer de kinderen minder op bezoek komen vanwege de reis- en parkeerkosten. Van de mogelijkheid van parkeerkorting voor bezoek hebben veel ouderen nog nooit gehoord.

Toch is het beeld niet alleen maar somber. Verschillende ouderen bouwen zelf nieuwe netwerken op: via sportgroepen als Ladyfit, vrouwengroepen in buurthuizen, dagbesteding, muziek, wandelen, dansen en vrijwilligerswerk.

Wat betekent dit voor beleid?

Op grond van de portretten en de literatuur formuleerden we een aantal aanbevelingen voor de gemeente Utrecht en partners in zorg, welzijn en wonen. In de kern draaien die om twee punten: Ten eerste: erken deze groep die een bijdrage heeft geleverd aan Utrecht en een onderdeel vormen van de gedeelde geschiedenis van de stad. Zorg dat deze migrantenouderen niet alleen als “doelgroep” worden gezien, maar als volwaardige burgers en mede-ontwerpers van beleid.
Ten tweede is het van belang dat deze groepen worden benaderd via ‘hun eigen sociale structuren‘. Simpel gezegd komt dat neer op het volgende: spreek mensen aan op een plek waar ze komen, op een tijd die hen uitkomt, met de waardigheid die ze verdienen, in een taal die ze begrijpen, via personen, media en organisaties waar ze vertrouwen in hebben en over onderwerpen en problemen die herkenbaar voor ze zijn.

Enkele punten:

1. Versterk bestaanszekerheid en toegankelijke ondersteuning
Zonder financiële basis blijft veel anders dweilen met de kraan open. Dat betekent: maak bestaande regelingen, zoals energietoeslagen, laagdrempelige schuldhulp toegankelijker in begrijpelijke taal. Geef prioriteit aan ouderen met onvolledige AOW of geen pensioen. Daarbij hoort ook cultuursensitieve ondersteuning van mantelzorgers.

2. Maak zorg echt toegankelijk – ook als je de taal of de digitale route niet beheerst
Tolken in de zorg zouden geen gunst moeten zijn, maar een vanzelfsprekend onderdeel waar nodig. Gezondheidsspreekuren op vertrouwde plekken (moskee, buurthuis, vrouwengroep) verlagen de drempel. Tegelijk blijft fysieke toegankelijkheid essentieel: niet alles kan of mag achter een portaal of app verstopt worden. Voor ouderen moet er altijd een menselijk aanspreekpunt blijven.

3. Investeer in passend wonen en betaalbare mobiliteit
Utrecht heeft verschillende woonoplossingen nodig naast elkaar: reguliere sociale huur met aanpassingen, geclusterde woonvormen voor 55‑plussers, religieus of cultureel geïnspireerde projecten én gemengde complexen waar mensen juist over grenzen heen contact hebben. De rode draad: betaalbaar, toegankelijk (liften, minder trappen, veilige buitenruimtes) en ingebed in bestaande netwerken. Zonder betaalbaar openbaar vervoer en realistische parkeermogelijkheden blijft eenzaamheid bovendien onnodig groot.

4. Zie buurthuizen, migrantorganisaties en informele netwerken als volwaardige partners
Organisaties als Saluti, NISBO, Asha, NOOM, Welkom in Utrecht, Ladyfit, de Gouden Mannen en tal van kleinere vrouwengroepen en geloofsgemeenschappen beschikken over precies datgene waar gemeente en instellingen vaak naar zoeken: vertrouwen, taal en context. Toch worden ze nog te vaak gezien als handige “ingang” of projectpartner – niet als structurele speler. Dat vraagt om meerjarige financiering, continuïteit en een positie aan tafel bij het ontwerpen, uitvoeren en evalueren van beleid.

5. Pak eenzaamheid, participatie en digitalisering geïntegreerd aan
Eenzaamheid is geen losstaand “probleemveld”, maar verweven met inkomen, gezondheid, taal en digitalisering. Outreachend werken via vertrouwde plekken zou de norm moeten zijn. Digitale ondersteuning (DigiTaalhuizen, bibliotheken, cursussen) werkt het beste als die gecombineerd wordt met taal, gezondheid en geldzaken en waar mogelijk in de eigen taal wordt aangeboden. Cruciaal is dat digitale routes aanvullend moeten zijn en nooit vervangend.

6. Geef migrantenouderen erkenning als onderdeel van de Utrechtse geschiedenis
De eerste gastarbeiders en migrantenouderen hebben mede aan het huidige Utrecht bijgedragen. Maak hun verhalen zichtbaar Dat kan via exposities, boekjes, bijeenkomsten op scholen, maar ook via onderscheidingen, straatnamen en symbolische erkenning. Het signaal aan de ouderen is hiermee even simpel als belangrijk: jullie horen bij het verhaal van deze stad.

Tot slot

De portretten in Migrantenouderen in beeld zijn niet representatief. Daarvoor is het aantal geinterviewden veel te laag. Ze geven wel een beeld van een heel diverse groep en laten zien hoe het is om in Utrecht oud te worden met een migratieachtergrond en welke blinde vlekken er nog in beleid en praktijk zitten. Ze laten ook zien hoeveel kennis, veerkracht en betrokkenheid er bij de ouderen zelf is en bij de organisaties die al jaren met hen werken.

Het boekje is te lezen op de website van Saluti.

Plaats een reactie